Verslag bosuilen

2021

De Bosuilen zijn weer terug op het recordjaar van 2019 met 67 uitgevlogen jongen uit 28 bewoonde kasten met broedsel.

Vorig jaar 2020 vlogen er maar 41 jonge Bosuilen de wijde wereld in. De winst t.o.v. 2020 werd met name behaald in de gebieden rondom Neede en Borculo. In 2021 vlogen daar respectievelijk 27 en 10 jongen Bosuilen uit terwijl er in 2020 maar 10 in Neede en zelfs 0 in Borculo uitvlogen. Wel waren er in Neede 4 kasten meer bezet met een broedsel en in Borculo zelfs 5. We hadden dit jaar in Eibergen 1 broedsel in een natuurlijke holte.
Ook het gemiddeld uitgevlogen jong per broedsel lag met 2.4 gelijk aan 2019.
Het aantal dode of verdwenen jongen, 12 stuks, lag bij de Bosuilen beduidend hoger dan in de afgelopen jaren. We zullen zien of deze trend zich doorzet in het volgende broedseizoen.

Download hier het jaaroverzicht van de uilen en torenvalken van de Vogelwerkgroep Berkelland, tevens historisch overzicht.

2020
De Bosuil had een matig tot slecht jaar met maar 41 uitgevlogen jongen uit 23 kasten met broedsel.
Daarmee zijn we terug bij het jaar 2018 toen er ook 41 jongen uitvlogen ter wijl er in 2019 nog 66 jonge Bosuilen het luchtruim kozen. Met een gemiddelde van 1.8 jong per broedsel lag dat ook beduidend lager dan de 2.4 jong van 2019. De gemiddelde legselstart van 7 maart lag ruim een week later dan voorgaande jaren. Ook in 2020 hebben we nog weer een paar kasten opgehangen op kansrijke locaties, misschien levert dat in 2021 al resultaat op. Ook hadden we 2 broedsels in natuurlijke nestholtes in bomen, dat zijn toch de mooiste locaties om een broedende Bosuil te zien.

2019
De Bosuil had een topjaar met 66 uitgevlogen jongen, dat zijn er 25! meer dan in 2018, wel dient opgemerkt te worden dat er ook 7 kasten meer bezet waren. Het gemiddelde van de uitgevlogen jongen per kast bereikte met 2.4 het niveau van de afgelopen jaren en de legselstart was met een gemiddelde van 25 februari redelijk normaal. Het ophangen van nestkasten in 2018 op kansrijke plaatsen heeft succes gehad! : 3 van de 5 kasten waren bezet.

2018
Hoewel er in 2018 meer bewoonde Bosuilkasten waren zijn er toch minder jongen uitgevlogen. Er waren 20 kasten met een broedsel waaruit in totaal 41 jonge Bosuilen zijn uitgevlogen. Dat is maar een gemiddelde van 2.1 jongen per kast waar het in de afgelopen jaren een gemiddelde van 2.6 normaal was.
De start van de eileg op 17 februari was wel weer normaal, de Bosuil begint altijd vroeg met broeden om minder last te hebben van een nat en koel voorjaar waardoor er ook minder bosmuizen (voedsel) aanwezig is.
We hebben in 2018 op een aantal nieuwe o.i. kansrijke locaties nestkasten opgehangen. De controles in 2019 zullen laten zien of deze locaties succesvol zijn

2017
Download hier de resultaten van de bosuilen van 2017

In 2017 waren er 18 van de 44 gecontroleerde kasten bewoond door de Bosuil, dit is 2 kasten minder bezet dan in 2016. In tegenstelling tot 2016 toen er 5 broedsels mislukten is er in 2017 maar 1 broedsel mislukt. Uit deze 17 geslaagde broedsels zijn 44 jonge Bosuilen uitgevlogen en dat is 1 meer dan in 2016. Maar omdat er 2 broedsels meer waren dan in 2016 is het gemiddelde broedsucces iets minder. De startdatum van de eileg was 16 februari en dat is voor de Bosuil door de jaren heen een gemiddelde start van het broedseizoen.

Door al in februari te gaan broeden heeft Bosuilen minder last van een nat en koel voorjaar wat de latere broeders als Steen- en Kerkuilen wel nadelig kan treffen.

 

2016

Download hier de statistieken voor de uilen en torenvalken in Berkelland

2015

Alle uilen hadden in 2015 een minder goed broedseizoen
Waarschijnlijk veroorzaakt door een minder goed muizenjaar.Als gevolg hiervan legt het vrouwtje minder eieren, zijn er meer eieren schier en brengt het mannetje te weining voedsel naar het nest voor het grootbrengen van de jongen.
De Bosuilen hadden maar half zoveel jongen als (vorig jaar) 21 tegen (41).

Anton Meenink
Download hier de resulaten van 2015

2014


Download hier de statistieken van Berkelland van 2014 
Zachte winters, niet van invloed op legbegin van bosuilen
Ondanks de zachte winter, het vroege voorjaar en de aanwezigheid van grote hoeveelheden muizen was de bosuil nauwelijks vroeger met broeden dan voorgaande jaren.
Net als in de twee voorgaande jaren lag de zogenaamde gemiddelde 1e eilegdatum in 2014 ook weer tussen 21 en 28 februari.  De grote hoeveelheid muizen was ook niet echt  van invloed op de grootte van de legsels, waardoor het gemiddeld aantal uitgevlogen jongen per kast ook nauwelijks groter was dan in 2012 en 2013. Wel kwamen er dit jaar méér uilenparen tot broeden. In heel Berkelland troffen we 20 paartjes met een broedsel aan in de nestkasten. . Helaas zijn er door predatie 5 broedsels verloren gegaan. De overige 15 paartjes  hebben samen 41 uitgevlogen jongen groot gebracht.
Voor meer cijfers zie bijgaande tabel.
A.Meenink                                                                                                Neede,  5 feb. 2015
 

2013

Download hier de statistieken van Berkelland van 2013